Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » ‘Aanpakken kansengelijkheid belangrijk’
Reactie AVS op Onderwijsbegroting 2017

‘Aanpakken kansengelijkheid belangrijk’

Er wordt jaarlijks 200 miljoen euro vrijgemaakt om bijvoorbeeld de kansengelijkheid in het onderwijs te bevorderen, voor aanvullende bekostiging voor asielzoekerskinderen in hun tweede jaar in het primair onderwijs, voor cultuur en het verzachten van de korting op de lumpsum. Dit staat in de Onderwijsbegroting 2017.

Ook komt er volgend jaar 100 miljoen euro extra beschikbaar voor kinderen die in armoede opgroeien. Daarmee kunnen kinderen mee op schoolreisje, zich aanmelden bij zwemles of sportattributen aanschaffen. Aanpakken van kansengelijkheid is vooral ook belangrijk om de scholen zelf te betrekken bij vormgeving van dit beleid, meent de AVS. AVS-voorzitter Petra van Haren: “We letten wel scherp op wat de rol en  de verantwoordelijkheid van scholen hierbij kan zijn.  De school kan het niet alleen”. De AVS pleit voor een  passende aanpak in de context van de school.  “Professionalisering en een professionele dialoog in de school zijn hierbij belangrijk.”  In het kader van de integratie van vluchtelingen, waar het kabinet in wil investeren, is de AVS teleurgesteld dat scholen met minder dan vier vluchtelingenkinderen geen extra geld krijgen. De AVS wil bekostiging voor alle leerlingen in het kader van kansengelijkheid en ruimte voor talenten en integratie.

Professionalisering
Dit kabinet heeft als belangrijke doelstelling  dat scholen en instellingen werken met goed opgeleide en vakkundige leraren, docenten en schoolleiders, die samen zorgen voor een veilig en ambitieus leerklimaat. De OECD is in haar analyse van het Nederlandse onderwijs positief over de kwaliteit van onze leraren, schoolleiders en bestuurders. Dat is een bevestiging dat we op de goede weg zijn en een grote opsteker voor de leraren, schoolleiders en bestuurders zelf. Er is echter ook ruimte voor verbetering, zo stelt de OECD. In alle verbeterprocessen is de rol van de schoolleider cruciaal. Hij vormt de sleutel om verbeteractiviteiten in gang te zetten. Volgens de OECD wordt het belang van goede schoolleiders in Nederland nog onvoldoende erkend. De kwaliteitsverschillen tussen hen zijn nog te groot. Er zijn recent initiatieven genomen, zoals de aandacht voor professionalisering, het opstellen van beroepsstandaarden en de bekwaamheidseisen door de beroepsgroep zelf. De beroepsgroep neemt hiermee verantwoordelijkheid voor de eigen ontwikkeling. Registratie in het schoolleidersregister is bijvoorbeeld een stimulans om permanent te werken aan professionalisering en deze activiteiten zichtbaar te maken. De AVS vindt professionele en geregistreerde schoolleiders belangrijk vanwege de enorme invloed die de schoolleider heeft op de kwaliteit van het onderwijs in de school. “Investeren in een stevige beleidsagenda voor schoolleiders met voldoende flankerend beleid is daarom van groot belang.”  Op dit moment is 31 procent van de leidinggevenden in het primair onderwijs geregistreerd schoolleider. Ook in het voortgezet onderwijs is gestart met de invoering van het schoolleidersregister.  De AVS vindt het belangrijk dat het percentage geregistreerde schoolleiders snel omhoog gaat in het belang van onderwijskwaliteit en ook in het belang van de kwaliteit en professionalisering van de beroepsgroep.
 
Overgang po en vo
Specifiek voor de overgang tussen po en vo komen er verbetermaatregelen. Het gaat daarbij om de wisselwerking en samenhang tussen de eindtoets po, enkelvoudig en meervoudig basisschooladvies,
en het behouden en zo nodig stimuleren van brede brugklassen.  De AVS vindt de huidige wetgeving waarbij het basisschooladvies leidend is een goede zaak en belangrijk om vast te houden. We moeten niet terug willen naar een systeem waar toetsen een doel op zich worden. Een toets ís en blijft een momentopname. Een schooladvies moet recht doen aan de capaciteit van een leerling zoals die over de gehele schoolloopbaan zichtbaar is geworden. Toetsresultaten kunnen een zinvolle aanvulling zijn als ‘second opinion’ in de schoolverwijzing zoals dit in de huidige werkwijze zijn nut bewijst. “Ook zien wij steeds meer behoefte aan geïntegreerde samenwerkingsmogelijkheden bij po- en vo-scholen om onderwijs van 10-14 jarigen inhoudelijk beter op elkaar af te stemmen en daarin samen te werken. Op diverse plekken zijn schoolleiders hierover met elkaar in gesprek of geven hier al invulling aan”, aldus Van Haren.
 
Nieuwe scholen
 “Vrijheid van onderwijs is een groot goed “, zegt Van Haren naar aanleiding van het wetsvoorstel ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’  dat begin 2017 aan de Tweede Kamer wordt aangeboden. “Het is belangrijk dat het stichten van nieuwe scholen de ruimte krijgt.” De AVS voert regelmatig gesprekken met haar leden waarin het  belang van regionale samenwerking en ruimte voor onderwijskundige visies vaak wordt genoemd om toegankelijk en kwalitatief onderwijs voor alle leerlingen te waarborgen. Ook wordt regelmatig de zorg benoemd dat de keuzevrijheid van ouders om kindnabij een school op levensbeschouwelijke visie te kunnen blijven kiezen daarbij onder druk kan komen te staan.
 
Onderwijs2032
De AVS maakt deel uit van de regiegroep Onderwijs2032  en is nauw betrokken bij het toekomstbestendig curriculum. De rol van schoolleiders bij het vormgeven van het curriculum en de ambities op schoolniveau en het voeren van de professionele dialoog zijn daarbij een belangrijke inbreng. Het is een thema waarbij schoolleiders, leerkrachten, bestuurders en experts samen vorm moeten geven aan een curriculum dat passend is voor onze dynamische tijd en mee kan ontwikkelen in een veranderende maatschappij.
 
Budget PO
Het budget PO stijgt de komende jaren niet. De AVS vindt investeren aan de basis belangrijk. Extra middelen uit de prestatiebox zijn belangrijk voor het maken van goed beleid en het maken van keuzes op schoolniveau. Hierbij is de autonomie van de schoolleider belangrijk. De AVS wil samen met sociale partners in de sector alert blijven op van waaruit de financiële ruimte gevonden wordt. Als teveel uit de eigen onderwijsbegroting wordt gehaald, kunnen we niet spreken van extra investeringen, maar hollen we mogelijkheden tot het écht versterken van het funderend onderwijs juist uit. Versterking is nodig en dit zal de benodigde ruimte kunnen geven aan een verdere kansengelijkheid.

Gepubliceerd op: 20 september 2016

Verschenen in

Doelgroep(en)

Primair onderwijs, Voortgezet onderwijs

 

Deel dit artikel

Zicht op pensioen (Herziene versie januari 2017)